Verzekeringen bij vervoer

Aansprakelijkheid is afhankelijk van veel factoren!
Het is belangrijk te bedenken dat de vraag wie aansprakelijk is, afhankelijk is van de concrete situatie en de in die specifieke situatie geldende geschreven en ongeschreven rechtsregels. Deze verschillen van geval tot geval. Alle relevante factoren spelen daarbij een rol. Het is niet mogelijk hier algemeen geldende richtlijnen voor te geven.

Vraag advies op maat
Heeft u specifieke vragen in verband met uw aansprakelijkheid in een concrete situatie? Vraag het aan uw verzekeringsadviseur, uw werkgeversorganisatie of neem een gespecialiseerde juridische adviseur in de arm.

Wet Aansprakelijkheidsverzekering Motorvoertuigen (WAM)
Elke automobilist is volgens de Wet Aansprakelijkheidsverzekering Motorvoertuigen (WAM) verplicht zich te verzekeren tegen schade aan derden. Derden kunnen ook inzittenden zijn van de auto. Letsel bij de inzittenden door een ongeval vallen onder de aansprakelijkheid van de bestuurder.
Vindt er met een auto een ongeval plaats - al dan niet door schuld van de bestuurder of de bestuurder van een andere auto - dan dient de aansprakelijkheid ten opzichte van de inzittenden altijd verzekerd te zijn onder de wettelijke verplichte aansprakelijkheidsverzekering van de auto van de schuldige bestuurder.
De onschuldige schadelijdende partijen hebben een rechtstreeks vorderingsrecht op de autoverzekeraar. De gewone bedrijfsaansprakelijkheidsverzekering sluit ‘schade veroorzaakt door of toegebracht met een motorrijtuig’ in beginsel uit.
Naast een beroep op de aansprakelijkheidsverzekering van de auto van de schuldige bestuurder kan de BSO ook nog een beroep doen op de ongevallenverzekering of schadeverzekering van de BSO als die aanvullend is afgesloten. Zie hierna bij aanvullende verzekeringen.
 
Schade aan eigen auto
De schade aan de eigen auto wordt gedekt door de WA- en cascoverzekering van de eigenaar van de auto.
Als de BSO de medewerker opdracht geeft om met haar eigen auto de kinderen te vervoeren en er gebeurt een verkeersongeluk dan is de BSO als werkgever aansprakelijk voor de schade van de medewerker. ( art. 7:658 lid 2 BW) De schade kan voor de medewerker bestaan uit het deel van de schade dat niet door de eigen (all risk) verzekering wordt gedekt of een verhoging van de verzekeringspremie omdat de noclaim korting wordt verlaagd. De werkgever kan zich hiervoor verzekeren via een aanvullende casco verlies bonusmalusverzekering.
De BSO kan deze aansprakelijkheid in een aparte schriftelijke overeenkomst met de medewerker beperken, de beperking mag niet verder gaan dan het bedrag waarvoor de werknemer is verzekerd. (art. 7:661 lid 2 BW)
 
Aanvullende verzekeringen
 
Ongevallenverzekering voor inzittenden
Deze verzekering leidt bovenop de aansprakelijkheidsuitkering (via de WAM) tot uitkering bij overlijden of (blijvende) invaliditeit, ongeacht de schuldvraag. De verzekerde bedragen zijn gemaximeerd en van te voren vastgesteld.
 
Schadeverzekering voor inzittenden
Deze verzekering is uitgebreider dan de ongevallenverzekering voor inzittenden. De verzekering keert de werkelijke schade uit. Bovendien dekt deze verzekering naast de materiële schade ook de immateriële schade, zoals loonderving, juridische kosten en zelfs smartengeld.
 
Schade veroorzaakt door het kind aan de auto of fiets
 
Vraag
Hoe zit het met schade veroorzaakt door kinderen, bijvoorbeeld het kapot maken van de bekleding van een auto of de versnelling van de bakfiets van de BSO?
 
Antwoord
Deze schade valt onder de risicoaansprakelijkheid van ouders en wordt gedekt door een AVP.
 
Verder naar Verzekeringen en samenwerking met andere organisaties
 
Terug naar Aansprakelijkheid met eigen vervoer (lopend, fiets, fietskar of groepsfiets)
Terug naar Aansprakelijkheid met eigen vervoer (auto of busje)
 
Terug naar Inhoudsopgave

  
   
 


Deel deze pagina: 
Print Doorsturen Maak pdf