Verschillende vormen van combinatiefuncties
Een combinatiefunctie kan er verschillend uitzien. We onderscheiden:
- De interne combinatiefunctie
- Organisatie- en sectoroverstijgend met twee contracten
- Organisatie- en sectoroverstijgend met één baas en één contract
De interne combinatiefunctie
Een medewerker combineert twee of meerdere functies binnen één organisatie. Mogelijk moet er met twee CAO's gewerkt worden.
Enkele voorbeelden van interne combinatiefuncties zijn:
- Een koepelorganisatie met kinderopvang én peuterspeelzaalwerk, waar een groepspedagogisch medewerker 's morgens op de speelzaal werkt en 's middags in de buitenschoolse opvang. Of de TSOcoördinatie wordt door een BSO pedagogisch medewerker verzorgd, die een werkdag van 11.30 tot 18.30 uur krijgt op deze manier.
- Een brede welzijnsorganisatie waar een peuterspeelzaalpedagogisch medewerker ook de Brede schoolactiviteiten voor jonge kinderen begeleidt.
Bij brede welzijnsorganisaties en/of organisaties voor kinderopvang en peuterspeelzaalwerk komen dergelijke combinaties in de praktijk al vrij veel voor. Ze worden dan ook meestal niet bestempeld als combinatiefunctie.
Organisatie- en sectoroverstijgend met twee contracten
De medewerker werkt bij twee organisaties in verschillende sectoren. In deze situatie heeft de medewerker twee afzonderlijke arbeidscontracten, bijvoorbeeld in de vorm van detachering of een projectaanstelling. De organisaties kunnen de afzonderlijke arbeidsovereenkomsten ook met elkaar verbinden door contractuele afspraken te maken. Voorbeelden zijn:
- Een groepspedagogisch medewerker van een organisatie voor buitenschoolse opvang (BSO) begeleidt de kunstzinnige projecten en de musical op de basisschool. Voor deze werkzaamheden heeft zij een projectaanstelling bij de school. De school en de BSOinstelling hebben een contract opgesteld waarin de verantwoordelijkheden van beide organisaties beschreven staan.
- Op de BSO bestaat grote behoefte aan extra kennis en vaardigheden op het gebied van sportactiviteiten voor oudere kinderen. Daarom detacheert een brede welzijnsorganisatie haar sportmedewerker, die gewend is sportactiviteiten voor tieners te organiseren, bij de BSO. Op deze manier ontstaat er een doorgaande lijn van de BSO naar het clubhuis. Kinderen die de BSO verlaten, kennen de tienerwerker, de activiteiten, de sfeer, etc. immers al. Een combinatiefunctie op dit gebied kan uitval van tieners en mogelijke overlast voorkomen.
Organisatie- en sectoroverstijgend met één baas en één contract
Vanuit de optiek van de medewerker is dit de meest gewenste situatie. Want hoewel er sprake is van meerdere functies, organisaties en verschillende CAO's, het gaat toch om één baan. De medewerker is daardoor niet afhankelijk van verschillende regelingen en afspraken. De betrokken organisaties hebben afspraken gemaakt over de verdeling van de loonkosten, de begeleiding, de aansturing, etc. Een voorbeeld van zo'n combinatiefunctie:
- Een onderwijsassistent op de basisschool verzorgt de voorschoolse opvang en het overblijven op school. Zij heeft een werkdag van 7.30 tot 13.30 uur en is aangesteld onder één rechtspersoon.

