U bevindt zich hier:

Wat betekent de Wet OKE voor de peuterspeelzaal?

De Wet Ontwikkelingskansen door kwaliteit en educatie (OKE) beoogt de eerste stappen te zetten in het harmoniseren van de wet- en regelgeving voor kinderopvang en peuterspeelzalen. Doel is verder om een sluitend systeem van voorschoolse voorzieningen te realiseren voor kinderen van 0 tot 4 jaar. Gemeenten hebben hierbij de regie.

Peuterspeelzalen krijgen een kwaliteitsimpuls waardoor taal- en ontwikkelingsachterstanden bij kinderen vroegtijdig kunnen worden onderkend en aangepakt.

De belangrijkste bepalingen in de Wet OKE, die van invloed zijn op het peuterspeelzaalwerk zijn:

  • In een groep van maximaal 16 kinderen werkt minimaal 1 SPW-3 opgeleide beroepskracht (of equivalent, conform de CAO Welzijn en Maatschappelijke Dienstverlening).
  • De groepsgrootte is maximaal 16 kinderen.
  • Bij een peuterspeelzaalgroep van meer dan 8 kinderen, is er naast de opgeleide beroepskracht een vrijwilliger of een andere opgeleide beroepskracht aanwezig.
  • Personen die op structurele basis werkzaam zijn in de peuterspeelzaal en werken ten behoeve van de verzorging en opvoeding van de kinderen dienen te beschikken over een Verklaring Omtrent Gedrag (VOG).
  • De peuterspeelzaal dient te beschikken over een pedagogisch beleidsplan. De volgende onderdelen komen in dit plan elk geval aan de orde:
    • de wijze waarop de emotionele veiligheid van kinderen wordt gewaarborgd;
    • de mogelijkheid voor kinderen tot de ontwikkeling van hun persoonlijke en sociale competentie;
    • de wijze waarop de overdracht van waarden en normen plaatsvindt;
    • de wijze waarop de achterwacht geregeld is in het geval er slechts één beroepskracht op de locatie aanwezig is;
    • de wijze waarop beroepskrachten bijzonderheden in de ontwikkeling van kinderen of andere problemen signaleren en ouders doorverwijzen naar passende instanties;
    • de wijze waarop beroepskrachten in een peuterspeelzaal toegerust worden voor deze taak en de wijze waarop zij daarbij ondersteund worden;
  • De peuterspeelzaal dient te beschikken over een actuele beschrijving van veiligheids- en gezondheidsrisico’s. Hiertoe dient in elk geval jaarlijks een risico-inventarisatie te worden uitgevoerd.
  • De peuterspeelzaal dient te beschikken over een meldcode kindermishandeling.
  • Indien er vrijwilligers werkzaam zijn in de peuterspeelzaal, dient de peuterspeelzaal te beschikken over vrijwilligersbeleid. Hierin staat in elk geval beschreven:
    • de minimumeisen waaraan een vrijwilliger dient te voldoen;
    • de afspraken tussen de houder van de peuterspeelzaal en de vrijwilliger;
    • de taakomschrijving van de vrijwilliger.

Deel deze pagina: 
Print Doorsturen Maak pdf