Cardea, Prodeba en De Binnenvest hebben onder leiding van JSO een maatschappelijke businesscase samengesteld voor een woonvorm met flexibele begeleiding. Doelgroep is jongeren tussen 18 en 30 jaar. De uitkomst: Beschermd Wonen-light.

Jongeren en jongvolwassenen met een rugzak vallen vaak tussen wal en schip bij zelfstandige huisvesting. Doordat zij nog wel enige begeleiding nodig hebben, maar ook een eigen plekje willen, passen zij niet in het bestaande aanbod. Dit concluderen jeugdhulporganisaties Cardea en Prodeba en maatschappelijke opvang De Binnenvest.

Signalen zoals deze komen steeds meer voor. Dat maakt de lacune tussen beschermd wonen en zelfstandig wonen met (beperkte) begeleiding urgent. Door het tekort aan woonplekken met variabele begeleiding is het voor jongeren moeilijker te groeien in zelfstandigheid. Ze blijven hangen in de jeugdhulp of in beschermd wonen en het hulpaanbod sluit niet aan op wat ze nodig hebben. De wachtlijsten blijven onnodig lang; de kosten van beschermd wonen zijn hoog. 

De drie organisaties willen het tekort aan geschikte huisvesting aanpakken en nadenken over andere manieren van begeleiding en financiering hiervan. Dit betekent meer maatwerk bieden en variëren in de mate en vorm van hulp aan een cliënt. Door hun samenwerking komen de verschillende expertises en diensten van de drie organisaties ten goede aan de aangemelde jongeren. 

Wat is Beschermd Wonenlight?  

Door stapsgewijs een maatschappelijke businesscase te vullen, zijn de organisaties op een nieuwe woonvariant uitgekomen. Deze is geschikt  voor jongeren die thuis wonen en voor hen die zelfstandig willen wonen. De kern bevat drie elementen: regie voor de jongere, begeleiding op maat en wonen in verbinding met de omgeving en andere jongeren (bijvoorbeeld ervaringsdeskundigen). De businesscase levert een onderbouwd plan van aanpak op. “Ik had vooraf niet verwacht dat we zo’n gedegen resultaat zouden hebben, hiermee kunnen we verder,” aldus Emmy Klooster, directeur-bestuurder van De Binnenvest. 

Ontwikkelen met de doelgroep

Naast structureel overleg met de betrokken organisaties is er natuurlijk ook overleg met de doelgroep: jongeren die potentieel voor BW-light in aanmerking komen. Ook zij voelen urgentie voor deze nieuwe vorm en hebben veel ideeën en toevoegingen aan het groeiende woonconcept. Daar zijn acht wensen en tips uitgekomen.

Met deze informatie en samenwerking ligt er nu een plan klaar voor Beschermd Wonen-light. Het wachten is nu op een geschikt pand om de pilot BW-light in praktijk te brengen. 

Stimulans vanuit de gemeente 

Vanaf 2020 is elke gemeente verantwoordelijk voor maatschappelijke opvang en beschermd wonen. Dit was voor de regio Holland-Rijnland en gemeente Leiden de aanleiding om verschillende pilots te stimuleren. Beschermd Wonen-light is daar een van. Op de lange termijn is hun doel om meer kansen te realiseren voor cliënten. Door beter aan te sluiten op hun mogelijkheden, te focussen op kracht in plaats van zorgbehoefte, kan betere doorstroming plaatsvinden naar zelfstandige leefsituaties.  Het tweede langetermijndoel is de instroom in beschermd wonen (ambulantisering) terug te dringen.

Vragen over Beschermd Wonen-light of andere tussenvormen? Benader Jeanette van der Meer, j.vd.meer@jso.nl

Tips van jongeren

Cliënten geven de volgende tips mee bij de verdere uitwerking van BW-light.  

  1. “Geen stempel op de voordeur.” – Plak geen label: zorg dat de bewoners ‘gewoon’ kunnen wonen in de wijk.
     
  2. “Kijk op individueel niveau waar iemand mee geholpen is.” – Of het nu gaat over de soort woning of de manier van begeleiding: jongeren willen graag dat er naar hen persoonlijk wordt gekeken en geluisterd. Niet over één kam scheren.
     
  3. “Als je dan ergens mee zit, kan je met ze levellen en kunnen ze je adviseren.” – Samenwonen met ervaringsdeskundigen en leeftijdsgenoten spreekt (vooral de jongere) jongeren aan. Ze vinden wel dat ervaringsdeskundigen daarvoor een compensatie horen te krijgen. En het is niet voor iedereen de oplossing.

  4. “Als je op jezelf woont stel je jezelf toch ook voor aan de buren.”- Zolang het niet per definitie verplicht en ingevuld is, vinden de jongeren de verbinding met de wijk een goed idee.
  5. “Je hebt jongeren die al heel goed op weg zijn, dan wil je niet dat je mentor alsnog elke dag gaat bellen.” – De jongeren verlangen naar zoveel mogelijk zelfstandigheid. Niet betuttelen is het advies.
  6. “Tijdelijk is wel goed, als je niet zomaar op straat kan belanden.” – Of een jongere nu klaar is met BW-light of dat het niet matcht: jongeren vinden het belangrijk dat er nagedacht is over doorstroming na het traject.
     
  7. “Een huis is de basis van alles.”  Een aantal jongeren vindt dat er vooral focus moet liggen op het vinden van geschikte woningen: als ze dat hebben kunnen ze echt aan zichzelf werken.
  8. “Wanneer is dit mogelijk/ kunnen we er in?”  Bijna alle jongeren die we spraken zoeken naar mogelijkheden. Ze geven aan dat er een groot tekort aan woningen is.  

Gemeente Leiden faciliteerde de drie zorgorganisaties om tussenvarianten van wonen met begeleiding te onderzoeken. JSO ondersteunde als procesbegeleider en aanjager het proces met als resultaat een businesscase,  implementatieplan en voorstel voor monitoring.

Ria van der Plas, sectormanager oudere jeugd Cardea ‘JSO heeft als onafhankelijke procesbegeleider de samenwerking begeleid en het tempo flink erin gehouden. Dat heb je nodig als je samen naar een resultaat toe werkt.”