Een top-down besluit. Meningen die wel gevraagd worden, maar niet echt meetellen. Mensen die afhaken. Of overleggen die verzanden in details, terwijl de kern onaangeraakt blijft. Het zijn precies die momenten waarop ik merk hoe complex besluitvorming eigenlijk is.
Door Tessa van Zeijl
Die complexiteit zie ik steeds vaker terug in mijn werk. De opgaven waar we voor staan worden groter en ingewikkelder. In zorg, welzijn, wonen en onderwijs loopt de druk op. Tegelijkertijd zijn er meer belangen, meer perspectieven en meer verschillen. En juist dát maakt het nemen van gedragen besluiten zo lastig.
Laatst volgde ik daarom de training Deep Democracy bij Human Dimensions. Ik was benieuwd: hoe zorg je ervoor dat alle stemmen echt gehoord worden, zonder dat je verzandt in eindeloos overleg?
De training begon verrassend simpel. We zaten in een sfeervolle ruimte, stoelen in een kring, thee op tafel. Het licht was zacht en gedempt. Prettig, dacht ik. Tot de trainer de eerste vraag stelde: “Hoe moet het licht in deze ruimte zijn?”
Ik verwachtte een snel besluit. Lamp aan of uit. Maar dat gebeurde niet. In plaats daarvan doorliepen we in korte tijd álle fasen van besluitvorming volgens Deep Democracy. Eerst verzamelden we de ideeën: wie heeft er een voorkeur? Vervolgens vroegen we actief naar de afwijkende mening: wie wil iets héél anders? We kwamen tot een kleine meerderheid van stemmen, maar de trainer was nog niet tevreden: “Daar doe ik het niet voor.”
En toen gebeurde er iets kleins, maar betekenisvols. Een deelnemer gaf aan dat ze minder goed hoort en het licht nodig heeft om te kunnen liplezen. We deden opnieuw een stemronde en waren het unaniem eens: het licht moest aan.
Plots werd die ‘simpele’ vraag over de lampen een wezenlijke vraag over inclusie. Over hoe je alleen tot goede besluiten komt als je niet alleen naar de meerderheid luistert, maar juist de minderheid bewust uitnodigt in het gesprek.
Dat moment raakte me. Omdat het klein was. En tegelijk zo veelzeggend. Dit was geen discussie over winnen of verliezen, maar over wat nodig is om samen verder te kunnen. Het liet me zien wat Deep Democracy anders maakt dan ‘gewone’ gesprekstechnieken: niet de meerderheid beslist, maar de wijsheid van de groep wordt benut. Juist door ruimte te maken voor wat eerst niet werd gezegd.
Sindsdien ben ik fan van Deep Democracy. Omdat het helpt om niet alleen het zichtbare gesprek te voeren, maar ook aandacht te hebben voor wat onder de oppervlakte speelt. Voor twijfels, spanningen of zorgen die vaak wel gevoeld worden, maar niet uitgesproken. Want als die onderstroom geen plek krijgt, duikt hij later toch weer op. In weerstand, ruis of gebrek aan draagvlak.
In mijn opdrachten bij JSO werk ik dagelijks aan vraagstukken die te complex zijn om vanuit één perspectief te benaderen. Samenwerken met verschillende organisaties, professionals en inwoners vraagt om besluiten die niet alleen logisch zijn, maar ook worden gedragen. De inzichten uit deze training geven mij extra handvatten om verschillen niet te vermijden, maar juist te benutten.
En soms begint dat dus heel eenvoudig. Met een vraag over een lichtknopje.